KRO-NCRV hoeft geen inzage te geven in beeldmateriaal over onderzoek naar fraude restaurantketen

Recent heeft de voorzieningenrechter in Amsterdam uitspraak gedaan over een eis tot afgifte van het ruwe beeldmateriaal van een documentaire van Selfmade Films en KRO-NCRV. De documentaire volgt het werk van de FIOD, waarbij onder andere in wordt gegaan op het door de FIOD verrichte onderzoek naar de verdenking van belastingfraude door de eigenaar en mede-grootaandeelhouder van een restaurantketen. De verdachten in die strafzaak, die op dit moment nog loopt, vorderden in het kort geding afgifte en/of inzage van het ruwe beeld- en geluidsmateriaal dat tijdens het onderzoek zijn gemaakt. Volgens hen is het OM waarschijnlijk (mede) tot vervolging overgegaan vanwege de documentaire, en daarom zouden de beelden informatie kunnen opleveren die relevant is voor de strafzaak.

Omdat de producent afspraken had gemaakt met het OM over de inhoud van de documentaire, voerde de restaurantketen aan dat het om “een in opdracht van de Staat gemaakte propagandafilm” zou gaan. De voorzieningsrechter oordeelt daarover dat “geen gegronde reden bestaat om te twijfelen aan de juistheid van de stelling van gedaagde, dat het initiatief tot het maken van de documentaire van hen is uitgegaan en dat zij de inhoudelijke en creatieve eindverantwoordelijkheid hebben“.

De voorzieningenrechter wijst erop dat “nog niet bekend is hoe de documentaire eruit zal zien, en of wanneer [deze] wordt uitgezonden. De gevraagde voorzieningen zien op ingrijpen op voorhand door inzage of afgifte aan anderen dan degenen die betrokken zijn geweest bij het maken van de film. Gezien de waakhondfunctie van de pers en een ‘chilling’ effect dat van een dergelijk ingrijpen kan uitgaan, is daarbij uiterste terughoudendheid op zijn plaats”.

Volgens de voorzieningenrechter heeft KRO-NCRV door het maken van de documentaire geen onrechtmatige inbreuk gemaakt op de privacy en hebben zij ook de reputatie van eisers niet geschonden. Volgens de restaurantketen zou de documentaire onrechtmatig zijn, omdat, door de fraudezaak als casus te gebruiken, de verdachten lichtvaardig in het verdachtenbankje zouden belanden voor het grote publiek. De voorzieningenrechter stelt echter dat “het gedaagden vrijstaat een documentaire te maken over de FIOD en belastingfraude, een onderwerp dat in de publieke belangstelling staat. Dat zij daarbij gebruik maken van een concrete casus is een journalistieke keuze die aan hen is.” Bij deze afweging speelt ook mee dat de voormalige eigenaar en mede-grootaandeelhouder publiek figuur zijn: “Gedaagden hebben terecht aangevoerd dat eisers als voormalig eigenaar en medeaandeelhouder van een grote restaurantketen met duizenden werknemers, door hun positie en hun handelwijze de publieke arena hebben betreden, dat hen daarom minder privacybescherming toekomt dan een willekeurig ander persoon”.

De restaurantketen had verder aangevoerd dat de verkrijging van sommige beelden in strijd is met het ambtsgeheim. De voorzieningenrechter oordeelt hierover dat, als dit het geval zou zijn, “dit onvoldoende is om op voorhand tot inperking van de journalistieke vrijheden over te gaan (…). Als ambtsgeheimen zijn geschonden is dat de verantwoordelijkheid van het OM en/of de FIOD die geen partij zijn in dit kort geding”. Ook het beroep van eisers op artikel 15 AVG wordt verworpen, omdat “gedaagden zich met succes kunnen beroepen op de journalistieke exceptie in de AVG”.

Het beroep van de restaurantketen op inzage op grond van artikel 843a Rv slaagt volgens de voorzieningenrechter evenmin. De restaurantketen stelt dat zij de gevorderde informatie nodig heeft voor de strafzaak, maar de voorzieningenrechter is het met gedaagden eens dat “artikel 843a RV ziet op de bewijsvergaring ten behoeve van een civielrechtelijke procedure en niet op zaken die ter beoordeling zijn aan de strafrechter.” Hierbij speelt ook mee dat de strafrechter al had geoordeeld over het verzoek tot afgifte van het ruwe materiaal en dit had afgewezen. Daarnaast geldt dat “het materiaal waarop de vorderingen van eisers zien dermate omvangrijk is dat inzage in of afgifte daarvan neer zou komen op het vissen naar informatie, oftewel een “fishing expedition” waarvoor artikel 843a Rv niet is bedoeld”.

De voorzieningenrechter ziet geen reden om de journalistieke vrijheid in te perken, en wijst alle vorderingen van de restaurantketen af.

De producent, regisseur en KRO-NCRV werden in deze procedure bijgestaan door Jens van den Brink en Lotte Oranje.