Interview in Linda met ex Dean Saunders is niet onrechtmatig

De Linda van mei 2019 is gewijd aan ‘haters’ en bevat een interview met de ex van Dean Saunders, Jamie Faber. Saunders won in 2011 het programma Popstars en is de broer van Ben Saunders, die in hetzelfde jaar The Voice won.

Dean Saunders en zijn ex hebben samen een kind. In april 2018 is Saunders in hoger beroep veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, voor mishandeling van Jamie, en brandstichting van de auto van haar vader. In het interview in de Linda vertelt Jamie over haar relatie met Saunders. Het interview wordt op de voorpagina als volgt aangekondigd: De ex van Dean Saunders – ‘Hij brak al mijn botten’. De kop van het interview luidt: Hij had me hartstikke dood kunnen slaan.

In het interview doet Jamie onder meer de volgende uitspraken:

  • ‘Ik was acht maanden in verwachting toen hij me de trap af smeet.’
  • ‘Hij beukte me finaal in elkaar en kneep mijn keel dicht. Net zo lang totdat ik out ging.’
  • ‘Ik weet nog dat hij op een dag zo flipte om niks dat hij het loopkarretje van [zoon] pakte terwijl ik al op de grond lag. Hij bleef me maar op mijn hoofd slaan, net zolang tot er bloed uit mijn oren kwam. Op dat moment dacht ik: als hij nu niet stopt, ga ik dood. Ik hoorde een keiharde piep in mijn hoofd. Daarna raakte ik bewusteloos.’
  • ‘Ik heb alle botten in mijn lijf gebroken: mijn jukbeenderen, mijn neus, mijn kaak. Mijn heup is uit de kom geweest, mijn ribben gebroken.’
  • ‘Maandenlang heeft hij met een mes voor het huis van mijn vader en zijn gezin gestaan.’
  • ‘We moesten geregeld onderduiken bij Van der Valkhotels of op een camping, omdat de politie belde: We hebben sterke aanwijzingen dat ze jullie willen doodschieten.’
  • ‘Nee, maar in zijn getuigenverhoor bij de politie heeft zijn broer [C] verklaard dat Dean een motorclub heeft gevraagd om voor geld mijn vriend en mijn vader om te leggen. Dat is gelukkig nooit gebeurd, maar er zijn meerdere manieren om iemand ‘op te ruimen.’
Het interview vermeldt dat Saunders tijdens de hele zaak volhield onschuldig te zijn aan de brandstichting en mishandeling.

Saunders stapt naar een advocaat en eist in kort geding dat de uitgever van de Linda een rectificatie publiceert, waarin onder meer zou moeten staan dat hij alleen veroordeeld is voor het in de brand steken van de auto van haar vader en voor eenvoudige mishandeling met een gekneusde kaak als gevolg, en dat hij niet vervolgd of veroordeeld is voor de andere door haar geuite ernstige beschuldigingen, zoals haar tijdens haar zwangerschap ‘van de trap smijten’ of haar ‘finaal in elkaar beuken’. Ook wil hij € 12.500,- als voorschot op een nog te eisen schadevergoeding.

Interview
De voorzieningenrechter oordeelt dat het de lezer ‘voldoende duidelijk wordt gemaakt dat de publicatie geen verslag is van enig door de Linda verricht speurwerk in het kader van onderzoeksjournalistiek‘, en dat sprake is van een interview. De rechter wijst er verder op dat de vragen in het interview niet leidend of suggestief zijn, en dat dit een eenmalige reactie is op het verhaal van Saunders, die in de media zelf al vaak heeft verteld dat hij in zijn ten onrechte is veroordeeld door de strafrechter. Dit sluit aan bij de bestaande jurisprudentie van het EHRM, dat de boodschappersfunctie van de pers beschermt.

Wederhoor
Wederhoor was hier volgens de rechter niet nodig. Dat recht is niet absoluut en ter zitting heeft Saunders ook niet meegedeeld wat dan zijn weerwoord zou zijn geweest, anders dan een ontkenning van het verhaal van zijn ex.

Geen waarschuwing vooraf
De rechter is het ook oneens met Saunders stelling dat hij vooraf op de hoogte van de publicatie had moeten worden gesteld. Zo’n verplichting bestaat niet, omdat dat een ‘chilling effect’ zou hebben op de persvrijheid.

Klein foutje maakt publicatie niet onrechtmatig
Saunders stelt dat in het interview ten onrechte staat dat hij is veroordeeld voor het toebrengen van een gebroken kaak aan zijn ex, terwijl het ging om een gekneusde kaak. Maar dat maakt de publicatie nog niet onrechtmatig. Dit is een overdrijving, maar ook hier is duidelijk dat dit een uiting was van zijn ex ‘en dat deze uiting gezien moet worden in het licht van het huiselijk geweld dat haar is overkomen‘. Ook dit lijkt in lijn met de jurisprudentie van het EHRM, die bepaalt dat een vordering wel relevant moet zijn voor de bescherming van de reputatie van eiser. Dus; niet ieder foutje maakt een publicatie onrechtmatig.

De vorderingen van Saunders worden afgewezen.