Rechtbank: PowNed mocht Hoes toch met verborgen camera filmen, uitzenden mocht niet

De rechtbank Amsterdam heeft op 31 augustus 2016 eindvonnis gewezen in de zaak tussen oud-burgemeester Hoes van Maastricht en omroep PowNed.

Op 12 augustus 2015 wees de rechtbank al een tussenuitspraak. De rechters die deze tussenuitspraak wezen zijn vervolgens vervangen door drie andere rechters, aangezien vooruit was gelopen op het eindoordeel, wat een onbevooroordeelde blik in de weg staat.

Anders dan in het tussenvonnis, oordeelt de rechtbank nu dat PowNed Hoes niet met een ‘lokhomo’ (Robbie Hasselt) in de val heeft gelokt. Het was Hoes die het initiatief nam om Hasselt te benaderen, en wel met zijn burgemeester Twitteraccount, die gekoppeld was aan zijn burgemeesters-email.

De rechtbank is het ook met PowNed eens dat de vraag of Hoes in herhaling zou vallen een misstand was, die rechtvaardigde dat media hem nauwgezet volgden:

Als gevolg van de gebeurtenissen in december 2013 was het privéleven van Hoes in ieder geval voor een deel onderwerp van het publieke debat geworden. Deze gebeurtenissen waren geculmineerd in een spoedberaad van de gemeenteraad van Maastricht met Hoes op 19 december 2013. Uit de verklaring die na dit beraad werd afgelegd, kan worden afgeleid dat de raad het als schadelijk voor zijn ambt en gezag aangemerkte gedrag van Hoes in de voorafgaande weken afkeurde en dat het Hoes duidelijk moet zijn geweest dat herhaling mogelijk tot consequenties voor zijn positie zou leiden. Daarmee was de vraag of hij in herhaling zou vervallen (wat als een misstand kan worden beschouwd), in het kader van zijn functioneren als burgemeester van Maastricht een onderwerp van publiek belang geworden. Tevens konden de media zich als gevolg van deze gebeurtenissen gerechtigd voelen zijn gedrag kritisch te volgen en daarover te rapporteren.

PowNed was volgens de rechters ook gerechtigd tot het inzetten van een verborgen camera om de gesprekken tussen Hoes en Hasselt op te nemen. Een verborgen camera is een zwaar middel om in te zetten. Maar de omstandigheden rechtvaardigden dat hier. Het maken van de opnames was dus rechtmatig:

Verder stond het degene die het gedrag van Hoes aan zijn afspraken met de raad wilde toetsen, niet vrij daarbij elk denkbaar middel te benutten. Weliswaar is het niet ongeoorloofd van verborgen opnameapparatuur gebruik te maken, maar dat gebruik moet noodzakelijk en proportioneel zijn om een mogelijke misstand aan de orde te stellen. Deze afweging moet in dit geval gemaakt worden ten aanzien van het vervaardigen van opnamen van de tussen hen gevoerde gesprekken door middel van de verborgen opnameapparatuur. Hoes hoefde er immers geen rekening mee te houden dat de inhoud van zijn gesprekken met Hasselt aan de openbaarheid zou worden prijsgegeven.

Hasselt en PowNed voeren aan dat zij uitsluitend met behulp van de door hen gebruikte opnameapparatuur konden vaststellen of Hoes zich aan de door de raad in december 2013 gestelde normen zou houden. Hoewel de raad dat in zijn verklaring niet met zoveel woorden zegt, is, mede gelet op de stellingen van partijen, aannemelijk dat een overschrijding van die normen zou kunnen bestaan in het in het openbaar zoenen en in het doen van uitlatingen die de gemeente Maastricht in diskrediet zouden brengen. Hasselt en PowNed besloten tot het uitvoeren van hun plannen, nadat Hoes zich met behulp van zijn twitteraccount als burgemeester van Maastricht als volger van Hasselt had aangemeld en vervolgens nader met hem contact had gelegd. Anders dan Hoes meent, moet deze aanmelding als een initiatief van hemzelf, en niet als dat van Hasselt, worden beschouwd. 

PowNed en Hasselt kunnen in hun standpunt worden gevolgd, voor zover dat het maken van de opnamen betreft. In geval Hoes in zijn ontmoeting(en) met Hasselt de door de raad gestelde grenzen zou overschrijden, zou het bewijs daarvan moeilijk en in ieder geval minder geloofwaardig zijn te leveren, als dit – uitsluitend – door middel van een getuigenverklaring van Hasselt zou moeten geschieden dan wanneer zij daarvoor opnamen van de gesprekken, ondersteund door de beelden van hun ontmoetingen, zouden kunnen gebruiken. Verder is aannemelijk dat Hoes, als hij had geweten dat zijn gesprek werd opgenomen, op zijn hoede zou zijn geweest. In zoverre hebben PowNed en Hasselt jegens Hoes dan ook niet onrechtmatig gehandeld.

Daarmee wijkt de rechtbank af van het oordeel van hun collega’s in de eerdere tussenuitspraak, waarin nog werd geoordeeld  dat Hoes “zich niet vogelvrij heeft verklaard en bij elke privé afspraak bedacht zou moeten zijn op het heimelijk maken van film- en geluidopnamen“. Ook ging de rechtbank er in het incidentele vonnis nog vanuit dat het initiatief voor het contact bij de jongeman had gelegen. Op die twee punten is de rechtbank dus gedraaid.

Uiteindelijk trekt PowNed alsnog aan het kortste eind. De rechtbank oordeelt namelijk dat het uitzenden van de beelden wel onrechtmatig was omdat de beelden volgens de rechtbank geen (ernstige) misstanden aan het licht brachten. Het was volgens de rechtbank verder misleidend dat geluid van een gesprek op een terras is geplakt bij beelden van een gesprek in een restaurant. Ook het feit dat geen wederhoor is gepleegd en Hasselt al over zijn ontmoetingen had geblogd wegen in het nadeel van PowNed.

De rechtbank legt een verbod op en verwijst de zaak naar een schadestaatprocedure.

PowNed wordt bijgestaan door Jens van den Brink.