Picnic-commercial met lookalike Max Verstappen schendt portretrecht

Na een eerdere uitspraak over oud-voetballer Edgar Davids, heeft de Rechtbank Amsterdam uitspraak gedaan in een portretrechtzaak van een andere bekende Nederlandse sporter, Formule 1 coureur Max Verstappen.

Als je op tijd bent, hoef je niet te racen – luidt de nieuwe commercial van online supermarkt Picnic. De commercial toont een lookalike van Max Verstappen, waarbij de coureur in een bezorgbus een pitstop maakt langs het distributiecentrum van Picnic, om vervolgens de boodschappen bij klanten aan huis te bezorgen. Picnic speelt daarmee in op de reclamecampagne van supermarkt Jumbo met Max Verstappen.

De vertegenwoordiging van Max Verstappen stelt dat Picnic met deze commercial onrechtmatig aanhaakt bij de ongekende populariteit van de coureur en inbreuk maakt op het portretrecht van Max Verstappen.

De rechtbank bevestigt allereerst dat de in de commercial van Picnic gebruikte lookalike kwalificeert als een portret van Max Verstappen, nu de lookalike “alle karakteristieke kenmerken van het portret van Max Verstappen – waaronder dezelfde pet, raceoutfit, haarkleur, hetzelfde silhouet en postuur” vertoont. Volgens de rechtbank wordt daarmee bij het publiek het beeld van Max Verstappen opgeroepen.

De rechtbank wijst op het commercieel portretrecht en overweegt dat het het Max Verstappen vrij staat “zelf te bepalen of en zo ja tegen welke vergoeding hij zijn populariteit wenst in te zetten ter ondersteuning van commerciële activiteiten. [..] Juist bij personen die door hun beroepsuitoefening bekendheid genieten, kunnen commerciële belangen gemoeid zijn bij de openbaarmaking van hun portret.” Ook een dergelijk commercieel belang vindt bescherming onder artikel 8 EVRM en weegt in het huidige geval zwaarder dan het in artikel 10 EVRM door Picnic ingeroepen recht op vrijheid van meningsuiting om zich op humoristische wijze te uiten. Doorslaggevend is het feit dat de commercial van Picnic een reclame-uiting is, een eigen commercieel belang kent en via social media is verspreid zonder dat hiervoor een vergoeding aan Max Verstappen is aangeboden.

Picnic heeft inbreuk gemaakt op het portretrecht van Verstappen en moet zijn schade vergoeden. Verstappen brengt een rapport in van een sportmarketingbureau, dat zegt dat Verstappen voor het gebruik van zijn portret in een commercial zoals die van Picnic EUR 350.000 had kunnen vragen. Picnic wijst erop dat dit bureau ook in opdracht handelt van Red Bull, de hoofdsponsor van Verstappen, zodat het bureau niet als onafhankelijk deskundige kan worden beschouwd. Dat is de rechtbank met Picnic eens. Het rapport wordt buiten beschouwing gelaten en Verstappen moet bij akte onderbouwen welke schade hij heeft geleden. De rechtbank suggereert dat daarbij de volgende elementen een rol kunnen spelen:

  • welke vergoeding zou hij in redelijkheid zou hebben kunnen bedingen als hij zijn toestemming aan het gebruik van zijn portretrecht door Picnic zou hebben verleend.
  • Daarbij moet rekening worden gehouden met de wijze waarop de publicatie op internet heeft plaatsgevonden, de timing daarvan en de beperkte duur van de publicatie op internet door Picnic.
  • Ook moet rekening worden gehouden met het feit dat Verstappen geen enkele inspanning heeft verleend aan de totstandkoming van de commercial van Picnic.

Verstappen wint dus, maar moet nog onderbouwen welke schade hij heeft geleden.

| Print Print | MR 21549