Hoge Raad verwerpt cassatieberoep Ryanair in zaak tegen KRO

Gisteren heeft de Hoge Raad bij vervroeging arrest gewezen in het cassatieberoep dat door Ryanair was ingesteld tegen het oordeel van het Hof in de zaak van Ryanair tegen KRO. Ter herinnering: Ryanair was deze zaak gestart naar aanleidingen van de afleveringen van KRO Brandpunt Reporter over Ryanair, getiteld “Mayday, Mayday”. De afleveringen zijn terug te kijken op npo.nl (nr. 1; nr. 2; nr. 3). In cassatie draait de zaak met name nog om het beroep van Ryanair op artikel 6:167 lid 2 BW. Het arrest is kort, want de Hoge Raad verwerpt het beroep van Ryanair op grond van artikel 81 lid 1 RO.

Tegelijk met het arrest is de conclusie van A-G Hartlief gepubliceerd. Hij concludeerde al eerder tot verwerping van het beroep, waarbij hij onder meer overweegt:

“Voor toewijzing van een vordering tot rectificatie is zowel bij toepassing van art. 6:167 lid 1 BW als bij toepassing van art. 6:167 lid 2 BW vereist dat sprake is van een onjuiste of door onvolledigheid misleidende publicatie (hiervoor 4.4 en 4.17). Het hof heeft de stellingen beoordeeld die Ryanair heeft aangevoerd ter onderbouwing van haar betoog dat de uitzendingen en persberichten onjuist of misleidend zouden zijn (rov. 3.7, 3.10, 3.12, 3.14 en 3.16). Het hof heeft deze stellingen op inhoudelijke gronden verworpen. Hieruit volgt dat naar het oordeel van het hof niet is gebleken dat de publicaties onjuist of door onvolledigheid misleidend zijn. Dit betekent dat niet is voldaan aan één van de voorwaarden voor toewijzing van een vordering tot rectificatie op grond van art. 6:167 lid 2 BW. Daarmee is ook voldoende duidelijk waarom het hof die vordering heeft afgewezen.”

KRO werd bij de rechtbank (tussenvonnis; eindvonnis) en het Hof Amsterdam (arrest), alsmede in twee instanties in het afgewezen verzoek voorlopig getuigenverhoor door Ryanair (arrest Hof) bijgestaan door Jens van den Brink en Emiel Jurjens, en in cassatie door Jan-Paul Heering.

| Print Print | MR 20669