Merchandising bij kinderprogramma’s mag, publieke omroep geen springplank commerciële activiteiten

publieke-omroep1Minister Bijsterveldt heeft een aantal kamervragen over de kinderprogrammering van de publieke omroep beantwoord, in het bijzonder over merchandising. De minister bevestigt dat alleen bij merchandise die ontwikkeld wordt door of in samenwerking met een publieke omroep voorafgaande toestemming van het Commissariaat voor de Media nodig is. De activiteit valt dan  onder het regime voor nevenactiviteiten. Het Commissariaat toetst in dat geval of de activiteit verband houdt met of ten dienste staat aan de publieke taak, marktconform wordt verricht en kostendekkend is. Bij merchandising die is ontwikkeld buiten de publieke omroep om, zoals “Sesamstraattandpasta”, is geen toetsing door het Commissariaat nodig. Zodra het logo van de publieke omroep op de merchandise wordt geplaatst, is wel goedkeuring nodig.

Merchandise is niet een belemmering bij de aankoop van kinderprogramma’s, als de keuze wordt gemaakt op grond van een programma inhoudelijke afweging en niet om commerciële belangen van derden te dienen, aldus de minister. Merchandise bij kinderprogramma’s is mogelijk, maar de publieke omroep mag geen springplank zijn voor commerciële activiteiten. Dit moet in het concrete geval worden getoetst. 

Volgens de minister is het niet nodig dat kinderprogramma’s worden geschrapt, omdat de regels onduidelijk zouden zijn. De minister benadrukt wel dat gehandeld moet worden in overeenstemming met het non commerciële karakter van de publieke omroep. Zie voor een illustratie van de praktijk de recente boetebesluiten van het Commissariaat in het verslag van ons seminar vorige week.